Menu Sluiten
Inhoud
    Add a header to begin generating the table of contents

    Het leggen van de leidingen voor het zwembad is een belangrijke stap bij het bouwproces. De keuze van het materiaal, de diameter van de leidingen, de lijmverbinding... Problemen of fouten zijn vaak zeer lastig te herstellen doordat de meeste leidingen onder de grond worden aangelegd en dus niet meer zichtbaar zijn of zelfs worden afgedekt met een luxe terras. Genoeg redenen dus om zeer zorgvuldig met deze fase om te gaan.

    Let op: In deze beschrijving bespreken we enkel het leggen van leidingen voor een zwembad voor privégebruik en met een maximaal debiet van +/- 25 m3/u. Grotere zwembaden hebben doorgaans een grotere filtercapaciteit en dat vraagt om meer expertise.

    Algemene uitgangspunten PVC leidingen voor een zwembad

    • gebruik voor zwembaden altijd dikwandig PVC
    • leg de leidingen vorstvrij (weggewerkt uit het zicht) en zorg dat de diameter passend is bij de functie (verwachte flow)

    Test bij voorkeur de leidingen vóór je de sleuven weer aanvult met zand. Als je een terras met een betonvloer gaat aanleggen, is het zeker aan te raden te testen of de leidingen waterdicht zijn. Het opsporen van een lekkage is heel erg lastig en kan een kostbare klus worden.

    Soorten PVC-buizen

    Bij privézwembaden gebruiken we enkel buizen met een diameter van 50 of 63 mm. Soms wordt hier van afgeweken bij extreem grote afstanden en bij een jetstream. Er zijn op de markt twee verschillende soorten PVC-leidingen te koop:

    Vaste PVC buizen

    Vaste PVC buizen zijn betrouwbaar en ideaal voor het gebruik van grotere afstanden en bij de filterinstallatie. De standaard lengte is 500 cm. Een pijp is voorzien van een aangelaste 'sok', zodat je de volgende pijp er snel mee kan verlijmen. Bij dit type buis heb je ook bochtjes in 90 en 45 graden nodig voor het verleggen van de richting.

    Flexibele PVC

    Flexibele PVC is sterk in opkomst de laatste jaren. Flexibele PVC zit op een rol van 25 of 50 meter en is redelijk buigzaam. Voordeel is dat je bijvoorbeeld in één keer een leiding kan trekken van de skimmer naar de pomp. Er is hierdoor minder kans op lekkage op het moment dat het zwembad gaat verzakken.

    Verder zijn er veel soorten appendages voor de aansluiting en geleiding van het leidingen netwerk op de markt verkrijgbaar. Puntstukken, kogelkranen, knietjes en muurbeugels... het zijn er teveel om hier in detail te bespreken. Als je aan het leidingwerk begint, zal je zien dat er voor vrijwel elk 'probleem' een passende oplossing is.

    Welke type verbindingen kunnen we onderscheiden? We zetten de belangrijkste verbindingen op een rijtje.

    Aanzuigleiding

    De verbinding van het zwembad naar de pomp is een cruciale. Deze dient zo kort mogelijk te zijn en volledig waterdicht. Indien er namelijk lucht aangezogen kan worden (zelfs al door een minuscuul gaatje), dan valt de pomp snel stil en kan deze het water niet circuleren.

    Je kan de leidingen op 2 manieren aansluiten:

    • Ten eerste elke skimmer apart naar de filterinstallatie brengen. Hiervoor worden leidingen van 50 mm gebruikt (binnen de door ons gestelde debieten van max 25 m3/u en correcte aantal inbouwdelen). Voordeel is dat elke skimmer apart afgesloten kan worden met een kogelkraan; ideaal als de stofzuiger op de skimmer wordt aangesloten. Bij één skimmer in een bad is dit de standaard aansluiting uiteraard. De stofzuigeraansluiting en lage wandaanzuiging worden altijd apart aangesloten met een leiding van 50 mm en voorzien van een kogelkraan.
    • Ten tweede kan je de skimmers bij elkaar verbinden met 2x 50 mm tot een T- stuk van 63 mm, waarna de leiding overgaat in 63 mm. Dit komt voor bij zwembaden met een aparte aanzuiging voor de stofzuiger en als de afstanden wat groter zijn. Daarmee bespaar je een leiding van 50 mm. Over de juiste toepassing van de aanzuigleiding is nogal wat discussie, maar beide systemen functioneren in de praktijk prima.

    Speciale aandacht behoeft de lagewand aanzuiging onderin het zwembad:

    Je hebt nog een optie om het aanzuigpunt bij de bodem anders uit te voeren. In theorie kan iemand door extreme zuigkracht vast komen te zitten bij de bodem. Hoewel de kans bijzonder klein is bij een privé zwembad kan je dit uitsluiten door een extra aanzuigpunt te creëren. Dan dien je deze wel samen op één leiding aan te sluiten. En ze op minimaal 150 cm uit elkaar te plaatsen. Dit is in de openbare sector ook gangbaar. Zo kan de leiding niet vacuüm zuigen. Bij een bodemput is dit meestal NIET nodig, hier is het aanzuigoppervlak groter.

    Retourleiding / persleiding

    Na dat het water is aangezogen door de pomp wordt het water allereerst naar de zandfilter geleid voor de reiniging. Hierna volgen waterbehandeling en eventueel verwarming. Dit is de standaardopbouw van de volgorde.

    Filterinstallaties tot 10 m3/h kunnen in de retourleiding volstaan met 50 mm. Bij een hoger debiet kan 50 mm het niet meer aan. De volgende stap is dan 63 mm. Ook al als de zandfilter een aansluiting heeft van 1,5” blijven we op 63 mm werken. Een kogelkraan kan gevaarlijk zijn. Stel dat deze dichtstaat en de pomp staat aan? Ergens zal de overdruk een uitweg moeten vinden. Vervolg de leiding met 63 mm tot aan de inspuiters. Hier volgt een verdeling naar de inspuiters. Het strekt absoluut tot aanbeveling dat de verdeling vanuit het midden plaats vindt (zie voorbeeld verderop).

    Riolering / afvoer van vuil

    Standaard blijft er vuil achter in de zandfilter. Vandaar dat er een rioolaansluiting op een 6-wegklep is voorzien. Deze hoeft enkel 50 mm te zijn. Ook als de pomp een hoger vermogen heeft, is de tegendruk niet erg. Het helpt juist bij de reiniging van het filter. Let op dat je geen afsluiter met een kogelkraan plaatst, tenzij de filter lager staat dan het rioolniveau.

    Het verlijmen van de PVC leidingen

    Besteed hier veel aandacht aan. De PVC lijm van tegenwoordig is erg goed, maar je kan makkelijk een fout maken met heel vervelende gevolgen. Elke lijmverbinding dient goed te worden schoongemaakt/ontvet. Pas daarna lijm je alles aan elkaar met de juiste PVC-lijm.

    Koop altijd professioneel materiaal hiervoor. Schroefdraad wordt voorzien van teflon tape of een andere afdichtingstape. Het kan verstandig zijn om vooraf een keer het lijmen te oefenen, zodat het zeker niet mis kan gaan.

    Hoe leg ik mijn leidingen van een zwembad vorstvrij aan?

    Het voordeel van een zwembad wat je kunt op- en afbouwen is dat je je geen zorgen hoeft te maken in de winter. Een nadeel is dat je niet zolang kunt genieten van je zwembad. Heb je een permanent zwembad in de tuin staan, dan moet je ook rekening houden met de winter. Het kan niet de bedoeling zijn dat je jaarlijks leidingen opnieuw moet aanleggen omdat ze bijvoorbeeld stuk gevroren zijn. Gelukkig komt het niet vaak voor, maar als het gebeurd kan het heel vervelend zijn.

    Diepte van de leidingen

    Algemeen is het advies om je leidingen 60 cm onder de grond aan te leggen. Dat geeft nog steeds geen garantie, maar in principe kun je ervan uitgaan dat er weinig mis kan gaan. Door omstandigheden kan dit afwijken. Het kan bijvoorbeeld nodig zijn om de buizen diepter te leggen of juist minder diep. Veel hangt af van de plek waar je je zwembad uiteindelijk ingraaft.

    Vorstvrij zwembad

    Wat ook helpt om je leidingen extra te beschermen tegen vorst, is het winterklaar maken van je zwembad. Zorg ervoor dat je zodanig veel water uit het zwembad pompt zodat de skimmers droog vallen. Pomp vervolgens het water uit de leidingen en zet in de tussentijd de filter op ‘backwash’. Zo maak je meteen je filter schoon. Daarna koppel je de zandfilter en de warmtepomp los. Leg vervolgens een afdekzeil over het zwembad.